Bron: Keep it Green
Greenkeepers zijn koorddansers. Het gras op een golfclub wordt nu eenmaal stevig uitgedaagd, en voor greenkeepers is het constant balanceren tussen de gezondheid van het gras enerzijds en een optimale bespeelbaarheid anderzijds. Wanneer de golfclub in kwestie ook nog eens gastheer is van het grootste golftoernooi van België, ligt de inzet nóg hoger. Sinds ze op golfclub Rinkven als head greenkeepers aangesteld werden, sturen Timothy Bruneel en Simon Vercammen de graskeuze, samen met GreenMix en Erik Dolstra, turfgrassenspecialist bij graszaadbedrijf DLF, daarom heel doordacht richting een duurzame kwaliteit.
Rinkven Golfclub werd in 1981 in Schilde opgericht en omvat vandaag twee volwaardige 18-holesbanen. De South Course is de oudste van de twee banen, ligt voornamelijk op bosgrond en vengebied en wordt gekenmerkt door een grote variëteit aan spelcondities. De North Course is nieuwer en langer. Verschillende nationale en internationale toernooien vonden de voorbije jaren al hun weg naar Rinkven, dat zich sinds 2018 onder andere gastclub van de European Tour mag noemen en sinds 2022 ook de Soudal Open ontvangt. Opvallende kanttekening daarbij: de Soudal Open wordt deels op de South Course en deels op de North Course gespeeld.
Een nieuw evenwicht op de greens
De uitdagingen op Rinkven zijn niet min, geven Timothy en Simon toe. Naast de universele koorddans tussen spelkwaliteit en gezondheid, vergt hun job onder meer extra aandacht voor kwaliteit en homogeniteit op twee uiteindelijk toch verschillende banen.
Neem daarbij een eerder beperkte watervoorraad en je begrijpt meteen waarom de greenkeepers bij hun aantreden eerst met een vergrootglas naar de graskeuze keken. “Het klinkt een beetje hypocriet om dit jaar over droogte te spreken,” lacht Simon, “maar het is uiteraard wel een van onze grootste bekommernissen. Zeker voor de greens en de roughs kijken we nu naar meer droogtetolerante rassen.”
Vooral op de greens bleek dat een bijzondere uitdaging. “De bezetting op de greens was tot voor kort erg slecht, met maar liefst 70% straatgras en amper 30% struisgras. Vorig jaar hebben we ze daarom heel intensief doorgezaaid, met ruim 500 kg Masterline struisgrassen van DLF.
Dat deden we bewust niet met wit struisgras – dat heeft weliswaar het voordeel van agressieve groei, maar het heeft ondertussen ook vrijwel dezelfde water- en voedingsbehoefte als straatgras. In plaats daarvan gebruikten we gewoon struisgras, met name de rassen Arrowtown en Cleek.
Vandaag is de verhouding tussen de grassoorten al volledig omgedraaid en kunnen we spreken van 70% gewoon struisgras en 30% straatgras. Dat is een opmerkelijk snel resultaat en zorgt ervoor dat we ook beter gewapend zijn tegen dollar spot. Volgend jaar willen we in dat kader trouwens ook proberen om in de greens met roodzwenken te werken.”
Schapengras
Voor de roughs kijken Simon en Timothy vooral richting rietzwenken, hardzwenken en schapengras. Timothy: “In de toekomst zal schapengras steeds belangrijker worden. Dat proberen we er nu veel meer in te krijgen. Alleen werden de roughs hier de voorbije jaren enorm overbemest, werd er veel te veel stikstof gebruikt en was er simpelweg te veel materiaal aanwezig. Onze eerste uitdaging bestond er in om het teveel aan Engels raaigras te verwijderen en de grond te verschralen. Daarna konden we met Masterline Roughmaster doorzaaien. Op die manier hebben we weer een constante graspopulatie opgebouwd en hoeven onze golfers niet tergend lang naar hun bal te zoeken.”
Ook voor de tees en de fairways stapten Timothy en Simon, met respectievelijk TeeMaster en GolfMaster, inmiddels over op Masterline van DLF. “Op een jaar tijd werd de volledige baan met DLF-graszaden doorgezaaid”, besluit Dewi Merckx, accountmanager bij leverancier GreenMix.
“De eerste resultaten daarvan zijn al opmerkelijk, maar natuurlijk zullen we de echte impact pas binnen een aantal jaren zien. Wat niet betekent dat we niet betrokken blijven. Dat is namelijk het mooie aan DLF: we weten dat zowel wij als de club bij elke vraag of elk probleem in sneltempo geholpen zijn. In een vak dat zo afhankelijk is van weersomstandigheden en waar de verwachtingen zo hoog liggen, is die snelle service een absolute must.”